Genetisch onderzoek

INLEIDING

Het risico voor een Westerse vrouw om borstkanker te krijgen gedurende haar leven, is gemiddeld 1 op 9 en het gemiddeld risico op eierstokkanker is 1 op 70. Dit is het gemiddelde risico voor de vrouwen in de bevolking. Voor vrouwen met familieleden met de diagnose van borst- of eierstokkanker is de kans hoger.

Borstkanker is een multifactoriële aandoening die veroorzaakt wordt door genetische en niet-genetische factoren. Een belaste familiale voorgeschiedenis kan in belangrijke mate het risico dat een vrouw kan hebben op het ontwikkelen van borstkanker verhogen. In een minderheid (5 tot 10% van alle patiënten) is dit risico zeer sterk verhoogd als gevolg van het overerven van een genetische afwijking en spreken we van erfelijk borstcarcinoom.

Met behulp van DNA-onderzoek kunnen afwijkingen in het genetisch materiaal opgespoord worden. Als het onderzoek een erfelijke fout aantoont in een gen dat resulteert in een sterke voorbeschiktheid voor borst- of eierstokkanker, betekent dit voor andere familieleden dat zij kunnen kiezen voor een genetische test die meer informatie geeft over deze erfelijke aanleg.

Het toekennen van een bepaald risico op borstkanker aan een vrouw is zeer belangrijk voor het uitstippelen van een opvolgingsbeleid of in het aannemen van therapeutische houding.

FAMILIALE VOORGESCHIEDENIS ALS RISICOFACTOR

Een belaste familiale voorgeschiedenis is één van de sterkste indicatoren voor een gestegen risico op het ontwikkelen van borstkanker. Naarmate er in een familie meer vrouwen met borstkanker werden gediagnosticeerd, ze nauwer verwant zijn en de leeftijd bij diagnose jonger is, is het risico op andere vrouwen uit die familie om zelf borstkanker te ontwikkelen hoger.

We schatten dat ongeveer 20 tot 30% van alle borstkankerpatiënten minstens één verwante met dezelfde aandoening hebben, bij ongeveer 5 tot 10% van alle patiënten is er een sterke genetische voorbeschiktheid.

Volgende elementen zijn bepalend in het risico dat een vrouw heeft om zelf borstkanker te ontwikkelen:

·         het aantal verwanten dat borst- of eierstokkanker ontwikkelde in haar familie

·         de verhouding van het aantal aangetaste tot het aantal niet-aangetaste vrouwen

  • de graad van verwantschap tussen aangetaste individuen
  • de leeftijd waarop borstkanker werd vastgesteld bij haar verwanten
  • het optreden van borstkanker in beide borsten (bilateraal borstcarcinoom) bij een verwante
  • het optreden van eierstokkanker in de familie
  • het optreden van borstkanker bij mannen.

Deze elementen vormen het uitgangspunt om aan patiënten een sterk, matig of licht verhoogd risico toe te kennen. Op basis van dit risico wordt in eerste instantie advies gegeven naar het optimale screeningsbeleid.

Naast informatie over het borstkankerrisico gebruiken we de familiale gegevens eveneens om families te identificeren waarin het opstarten van erfelijkheidsonderzoek zinvol kan zijn.

Voor het opstarten van erfelijkheidsonderzoek worden een aantal criteria gehanteerd. Deze criteria worden eerder gebruikt als leidraad. Soms wordt het onderzoek ook in families gestart die niet aan deze criteria voldoen, als daar specifieke redenen voor zijn. Deze kunnen bijvoorbeeld zijn: een moeilijk te beoordelen stamboom (omwille van een kleine familie of omdat er veel mannelijke verwanten zijn) of als erfelijkheidsonderzoek belangrijke klinische implicaties heeft.

ERFELIJKE VORM VAN BORSTKANKER

Ons lichaam telt miljarden cellen. In de kern van al die cellen is ons erfelijk materiaal opgeslagen onder de vorm van chromosomen. Die bestaan uit lange ketens van chemische bouwstenen: het DNA. Wij hebben allemaal 46 chromosomen per lichaamscel: 23 afkomstig van de vader en 23 van de moeder. Op deze chromosomen liggen er afleesbare stukjes informatie die we genen noemen. Elk gen bevat informatie over een bepaalde erfelijke eigenschap. Als gevolg van toevallige factoren tijdens het bijmaken van nieuw DNA kunnen er fouten ontstaan in de genetische code. Deze genetische fouten noemt men mutaties. Bepaalde mutaties verhogen de kans op het ontwikkelen van borst- of eierstokkanker.

Wanneer de familiegeschiedenis wijst in de richting van een erfelijke vorm van borst- of eierstokkanker, kan met behulp van DNA-onderzoek naar een afwijking in een panel van erfelijke borstkankergenen gezocht worden, waarvan het BRCA 1-, BRCA 2- en CHEK 2 gen de bekendsten zijn.

De diagnostische test gebeurt bij de persoon bij wie de kanker is vastgesteld. Hiervoor is een bloedstaal nodig. Bij dergelijk onderzoek duurt het meerdere maanden vooraleer men de resultaten kent.

Zodra in een familie via DNA -onderzoek de genetische afwijking voor borst- of eierstokkanker werd vastgesteld, kunnen volwassen familieleden een voorspellende of predictieve test laten uitvoeren om te weten of zij ook drager zijn van dezelfde afwijking. De kans dat de genafwijking werd overgeërfd is 50%. Zowel vrouwen als mannen kunnen drager zijn en het genetisch defect doorgeven aan hun kinderen. Deze test duurt minder lang (6 tot 8 weken) omdat men weet waar in het erfelijk materiaal naar de specifieke erfelijke aanleg gezocht moet worden. Ook voor deze test is een bloedstaal nodig.

PREVENTIEVE MAATREGELEN

Als er sprake is van een sterk verhoogd risico, kunnen bepaalde voorzorgsmaatregelen genomen worden. Ook wanneer er bij het DNA-onderzoek geen mutatie gevonden is en er toch een duidelijke familiale belasting bestaat, is een verdere intensieve opvolging aanbevolen. De adviezen hierover worden geformuleerd op een multidisciplinair overleg  in aanwezigheid van diverse specialisten.

De belangrijkste adviezen zijn o.a.:

Intensieve screening

Een regelmatig opvolgschema waarbij er op regelmatige basis controleonderzoeken gebeuren van de borsten, eierstokken en eileiders om de ziekte zo vroeg mogelijk op te sporen en te behandelen.

Preventieve chirurgie

Het preventief verwijderen van het weefsel waarin kanker kan ontstaan:

-       preventieve borstamputatie of mastectomie

-       preventief verwijderen van de eierstokken en eileiders of een preventieve bilaterale salpingo-ovariëctomie (BSO)

Meer over de kliniek voor familiale kanker >

NUTTIGE LINKS

www.brca.be  (lotgenotengroep)

www.neo-ma.be (lotgenotengroep)

Artsen op deze dienst

» Sint-Augustinus

Artsen/zorgverleners op campus Sint-Augustinus

  • : Diensthoofd
  • : Adjunct-diensthoofd